Kruidenbestand

Madeliefje

Bellis perennis

Madeliefje botanische illustratie

"Bellis" is afgeleid van het Latijnse "bellus", wat "mooi", "fraai" of "lief" betekent; de naam werd voor dit geslacht al bij Plinius de Oudere aangetroffen. Sommige auteurs herleiden "Bellis" ook tot de mythologische boomnimf Belides, die zich in een madeliefje zou hebben veranderd om te ontsnappen aan de avances van Vertumnus. "Perennis" is Latijn voor "overblijvend" of "doorheen de jaren"...

Naam en etymologie

“Bellis” is afgeleid van het Latijnse “bellus”, wat “mooi”, “fraai” of “lief” betekent; de naam werd voor dit geslacht al bij Plinius de Oudere aangetroffen. Sommige auteurs herleiden “Bellis” ook tot de mythologische boomnimf Belides, die zich in een madeliefje zou hebben veranderd om te ontsnappen aan de avances van Vertumnus. “Perennis” is Latijn voor “overblijvend” of “doorheen de jaren” en verwijst naar de wortelstok waarmee de plant overwintert en naar haar vermogen om vrijwel het hele jaar door te bloeien. De Nederlandse naam “madeliefje” wordt doorgaans verklaard als een verbastering van “maagdeliefje” of “maagdelief”, verwijzend naar de toewijding van de plant aan de Heilige Maagd Maria; een alternatieve, minder gangbare verklaring koppelt de naam aan “made” of “maailand”, een ouder woord voor weiland. De Engelse naam “daisy” gaat terug op “day’s eye” (“oog van de dag”), omdat de bloemhoofdjes zich ’s avonds en bij regen sluiten en zich bij zonsopgang weer openen.

Ned: Madeliefje, Meizoentje    Fr: Pâquerette, Petite marguerite    Eng: English daisy, Common daisy, Lawn daisy    Dui: Gänseblümchen, Massliebchen

Culinair gebruik

Het jonge bladrozet kan verwerkt worden in een voorjaarssalade; de licht bittere, iets zilte blaadjes geven een frisse toets. De witte tot roze bloemblaadjes (petalen) zijn eetbaar en worden over salades, vla, fruit of ijs gestrooid.

Ongeopende bloemknoppen kunnen, ingelegd in azijn, dienen als inheemse vervanging voor kappertjes. Van de bloemhoofdjes werd van oudsher ook een landwijn gebrouwen. Gedroogde of verse bloemen worden daarnaast getrokken als kruidenthee, met een zoetig-zilte en licht bittere smaak.

Geschiedenis

De naam “Bellis” werd al door Plinius de Oudere (1e eeuw n.Chr.) voor dit geslacht gebruikt. In de Europese volksgeneeskunde werd het madeliefje sinds de middeleeuwen ingezet bij kneuzingen, botbreuken, spierpijn, huidwonden en reuma. De zestiende-eeuwse arts en botanicus Leonard Fuchs (1543) noemde het als middel bij jicht, heupklachten en struma; zijn tijdgenoot Adam Lonitzer schreef er een eetlustopwekkende werking aan toe. De Engelse kruidkundige John Gerard (1597) beval gekneusde bladeren met boter aan tegen kneuzingen en pijnlijke, hete en droge aandoeningen zoals jicht; Parkinson vermeldde dat het madeliefje zelden ontbrak in drankjes en zalven voor uiteenlopende wonden. Vanaf de vijftiende eeuw groeide de populariteit als geneeskruid in Europa; in Slowakije werd traditioneel een hoestsiroop op basis van madeliefje bereid. In de volkscultuur gold de plant als symbool van onschuld en zuiverheid, gewijd aan de Heilige Maagd Maria; bij de Germaanse volkeren werd de bloei in verband gebracht met de godinnen Ostara en Freya. Carl Linnaeus beschreef de soort in 1753 in “Species Plantarum” onder de naam Bellis perennis.

Typologie

Bellis perennis past bij een type mens dat bescheiden, veerkrachtig en aanpassingsgericht is: laag bij de grond, weinig opvallend, maar opmerkelijk standvastig onder druk van betreding en maaien. Zoals de plant haar bloemhoofdje ’s avonds en bij regen sluit en zich bij zonsopgang weer opent, zo toont dit type een wisselend ritme tussen terugtrekking en openheid, tussen bescherming en kwetsbaarheid. De associatie met onschuld, zuiverheid en de Heilige Maagd Maria in de volkscultuur weerspiegelt een gevoelig, zorgend binnenleven dat zich het liefst dicht bij het vertrouwde ophoudt. Dit typologische kader is een duidingsmodel en geen farmacologische uitspraak.

Volledige toegang

De volledige kruidenmonografie

Krijg eenmalig toegang tot de medicinale eigenschappen, indicaties, dosering, combinaties, natuurkwaliteiten, contra-indicaties en geraadpleegde bronnen. Elk kruidenbestand is fytotherapeutisch onderbouwd en samengesteld met aandacht voor traditie en typologie.

€39

12 maanden toegang, geen automatische verlenging

  • Toegang tot alle kruidenbestanden, volledig
  • Medicinale indicaties, dosering en combinaties
  • Natuurkwaliteiten en pharmacognostische onderbouwing
  • Doorlopend uitgebreid met nieuwe kruiden