Kruidenbestand
Hondsroos, rozenbottel
Rosa canina
Culinair gebruik
Van ontpitte rozenbottels wordt een pittige jam, gelei, stroop of puree gemaakt. Kaneel en kardemom als smaakgevers helpen de hoeveelheid toegevoegde suiker of honing te beperken.
Rozenbottels worden verwerkt in sauzen bij wild en kip. Ook rozenbottelwijn, rozenbottelsiroop, rozenbottellikeur en rozenbottelazijn worden gemaakt. De bloesem gaat soms in confituren, siropen, azijn, boter, honing, olie, limonade, punch, brandewijn, ijs en marsepein; de bloemen kunnen worden geconfijt.
Buiten de keuken dient het sap dat door centrifugeren van rozenbottelmoes wordt verkregen als huidtonicum bij een droge huid. De olie uit de rozenbottelzaadjes wordt toegepast in huidverzorgingsproducten tegen rimpels, droge huid, littekens en pigmentvlekken, al wordt hiervoor vaker Rosa moschata gebruikt. Rozenbottelextract wordt gebruikt als smaakmaker in medicijnen en toegevoegd aan vitamine C-tabletten als bron van natuurlijke vitamine C met bioflavonoïden. Rozenbottels worden veel in theebuiltjes verwerkt en de hondsroos dient veelvuldig als onderstam voor andere rozensoorten.
Geschiedenis
De rozenbottel wordt al duizenden jaren gegeten. Zaden werden teruggevonden in het 2000 jaar oude lijk van een neolithische vrouw dat in Engeland werd opgegraven, en resten van wilde rozenbottels zijn aangetroffen in potten en afvalkuilen. Bij opgravingen in Egypte vond men rozenkransen uit de tweede eeuw. In Perzië zou de gecultiveerde roos zijn ontstaan; deze verspreidde zich over Mesopotamië tot Palestina en bereikte zo Griekenland. De Grieken gebruikten rozenazijn bij warmte-uitslag en zonnebrand. Bij de Romeinen ontstond een ware rozencultus: rozen werden volop gekweekt voor feestelijkheden, parfums, cosmetica, gerechten en rozenkussens. Plinius (23 tot 79 n.C.) gebruikte remedies op basis van de hondsroos.
Met de opkomst van het christendom, dat met de Romeinse tradities wilde breken, kende de roos een sterke terugval. Ten tijde van Karel de Grote (742 tot 814) werd zij in ere hersteld; hij beval het aanplanten van rozen. De roos werd het symbool voor de liefde en kreeg ook een plaats in de Maria-verering. De Arabische arts Avicenna maakte in de tiende eeuw als eerste rozenwater. Omstreeks de dertiende eeuw ging men over tot het aanplanten van hondsroos langs de wegen.
In de volksgeneeskunde werden rozenbottels vooral als tonicum gebruikt en ingezet bij verkoudheden, koorts en grippale symptomen; de zaden werden als diureticum gebruikt. Ook de bloemen en de wortels werden aangewend, evenals de woekeringen aan de takken die door de rozengalwesp worden veroorzaakt, de spongia of fungus cynosbati. Gerard (1545 tot 1612) wees op de talrijke toepassingen van rijpe rozenbottels in de keuken. Culpeper (1616 tot 1654) noemde rozenbottels een remedie bij verkoudheid, hoest en indigestie; gedroogde en verpulverde pulp zou volgens hem nierstenen breken en darmkrampen verlichten. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog ontdekte men dat de rozenbottels van de hondsroos rijk zijn aan vitamine C; ook vitamine A, vitamine B en kalium werden aangetoond. Ze werden verwerkt tot een medicinale siroop om de weerstand van kinderen te verhogen, om verkoudheden aan te pakken, bij misselijkheid, diarree, indigestie, maag- en menstruatiekrampen, en bij nierproblemen als vochtafdrijvend middel.
Typologie
Rosa canina past bij een type mens dat zich terugtrekt achter een verdedigingslinie. De plant vormt ondoordringbare hagen met haakvormige stekels en groeit op overgangszones: bosranden, duinen en wegbermen. Zo bewaakt dit type de grens tussen binnen en buiten, met veel weerbaarheid aan de buitenkant en een fijne, kortstondige bloei daarachter. De vrucht rijpt laat en wordt pas na de eerste vorst werkelijk bruikbaar: dit type heeft tijd en tegenslag nodig voordat de innerlijke rijkdom beschikbaar komt. De bloesemremedie “wild rose” wordt volgens de bron ingezet bij apathische, berustende en lusteloze mensen; dat wijst op de keerzijde van dezelfde constitutie, waarbij wie zich te lang terugtrekt de actieve belangstelling voor het eigen leven verliest. Kenmerkend is verder de combinatie van hoge voedingswaarde met samentrekkende looistoffen: dit type geeft veel, maar houdt tegelijk in.
Volledige toegang
De volledige kruidenmonografie
Krijg eenmalig toegang tot de medicinale eigenschappen, indicaties, dosering, combinaties, natuurkwaliteiten, contra-indicaties en geraadpleegde bronnen. Elk kruidenbestand is fytotherapeutisch onderbouwd en samengesteld met aandacht voor traditie en typologie.
€39
12 maanden toegang, geen automatische verlenging
- Toegang tot alle kruidenbestanden, volledig
- Medicinale indicaties, dosering en combinaties
- Natuurkwaliteiten en pharmacognostische onderbouwing
- Doorlopend uitgebreid met nieuwe kruiden