Kruidenbestand

Artisjok

Cynara cardunculus var. scolymus

Familie Asteraceae

Artisjok botanische illustratie

"Cynara" is afgeleid van het Griekse "kynara" wat staat voor "stekelige plant" ofwel van "kuon" ("hondentand") vanwege de gelijkenis van de puntige uiteinden van de schutbladeren op het bloemhoofd met een hondengebit. "Scolymus" is afgeleid van het Griekse "Skoloimos" wat "eetbare distel" betekent. "Artisjok", "Artichout" en "Artochoke" zouden via het Italiaanse "Articiocco" zijn afgeleid van het Arabische "Ardhi" ("Aarde") en...

Naam en etymologie

“Cynara” is afgeleid van het Griekse “kynara” wat staat voor “stekelige plant” ofwel van “kuon” (“hondentand”) vanwege de gelijkenis van de puntige uiteinden van de schutbladeren op het bloemhoofd met een hondengebit. “Scolymus” is afgeleid van het Griekse “Skoloimos” wat “eetbare distel” betekent. “Artisjok”, “Artichout” en “Artochoke” zouden via het Italiaanse “Articiocco” zijn afgeleid van het Arabische “Ardhi” (“Aarde”) en “Shauk” (“Distel”, “doorn”).

Culinair gebruik

In de zuiderse keuken is artisjok een ware delicatesse: de ongeopende bloemhoofd worden gekookt en daarvan eet men de bloembodems (het hart) en het vleezige deel van de schutbladeren. Toepassingen:

  • Warm te eten in gesmolten boter, Béchamel-saus of sauce Hollandaise
  • Koud met een vinaigrette, dipsaus of in olijfolie
  • Gebakken of gefrituurde artisjokharten
  • Gevulde artisjokhoofd met gekruide groentenpuree
  • Gesneden en gemalen als broodpasta
  • Artisjokblaadjes in Italiaanse gerechten als pizza
  • Fijne soep van gepureerde bloembodem

Jonge bladstengels worden soms als selderij gegeten: eerst blancheren om de bitterheid te verminderen en nadien koken of rauw koken. Na koken moet artisjok snel worden gegeten, zoniet kunnen giftige stoffen ontstaan. Artisjok wordt in heel wat aperitieve (bijv. Cynar) en likeuren verwerkt.

Geschiedenis

De kardoen werd reeds 4000 v.C. in Egypte, Perzië, Turkije en Griekenland gebruikt. Theophrastus (4de eeuw v.C.) wendde de kardoen reeds aan als voedings- en geneesmiddel, vnml. als spijsverteringsbevorderend middel en als middel na overvloedige drankfeestijen. De kardoen was voor de Grieken en Romeinen als groente gegeten, een dure delicatesse; de bloem stond trouwens afgebeeld op Corinthische zuilen. In de eerste eeuw werd de kardoen grondig beschreven door Dioscorides (40, 90 n.C.). In de 15de eeuw begon men artisjokken te telen in Italië, een eeuw later in Frankrijk. In de 19de eeuw werd de artisjok beschouwd als geneesmiddel tegen geelzucht, onvoldoende leverwerking en reuma-aanvallen. In 1957 werd de leverstimulerende werking van cynarine en het cholesterolverlagende effect van de artisjok aangetoond.

Typologie

Cynara cardunculus var. scolymus past bij een type mens dat een taaie, stekelige buitenkant heeft maar van binnen zacht en voedzaam is. Zoals de plant een hard, doornd bloemhoofd produceert dat bij opening een zachte, voedzame bodem verbergt, zo verbergt dit type een gevoelig en verzorgend innerlijk achter een stoere presentatie. De typische werking op lever en gal weerspiegelt een type dat vatbaar is voor stagnatie in de metabole verwerking, met neiging tot trage galafscheiding, vetintolerantie en postprandiale zwaarheid. Dit type heeft baat bij bittere middelen die de vloeistofstroom van de lever openen en de lipidenstofwisseling normaliseren. De blauwe bloem op een lange, rechte stengel wijst op een idealistisch, rechtlijnig karakter dat het hoofd hoog houdt.

Volledige toegang

De volledige kruidenmonografie

Krijg eenmalig toegang tot de medicinale eigenschappen, indicaties, dosering, combinaties, natuurkwaliteiten, contra-indicaties en geraadpleegde bronnen. Elk kruidenbestand is fytotherapeutisch onderbouwd en samengesteld met aandacht voor traditie en typologie.

€39

12 maanden toegang, geen automatische verlenging

  • Toegang tot alle kruidenbestanden, volledig
  • Medicinale indicaties, dosering en combinaties
  • Natuurkwaliteiten en pharmacognostische onderbouwing
  • Doorlopend uitgebreid met nieuwe kruiden